Als er geen maffia was, zou Zuid Italië (de Mezzogiorno) net zo rijk zijn als het noorden. Dat was de conclusie van een onderzoek dat begin 2003 werd gepubliceerd. Bedrijven die actief zijn in het zuiden van Italië worden soms geconfronteerd met maffiosi die beschermgeld willen. Als een percentage van de omzet of een vast bedrag naar de beschermelingen gaat, gebeurt er niets. Als dat niet gebeurt, zou het kunnen dat je als boer je veestapel vergiftigd vindt, dat je geen klanten krijgt of dat het bedrijf wordt beschadigd, in brand wordt gestoken oid.
Kleine bedrijven hebben over het algemeen veel meer last van de maffia dan de groten. Publiek geheim is dat boeren zoals de producenten van mozzerella rondom Napels last hebben van maffiosi. Grote bedrijven met bewaking en met de controle over de kas die niet altijd ook fysiek in het zuiden in gevestigd, worden minder snel bedreigd. Nederlandse bedrijven in Zuid Italië zoals Heineken en DSM zeggen geen last te hebben van de maffia (in het Nederlands geschreven met twee f-en, in het Italiaans met een) . Wel zijn toeleveranciers ermee zijn geconfronteerd. Volgens velen ligt het probleem van de maffia diepgeworteld in de Zuid Italiaanse cultuur. De maffia is geaccepteerd. Politici in het zuiden en in Rome doen er weing aan, soms omdat ze er dan zelf slechter van worden. Het hele Siciliaanse parlement bestaat uit politici van de rechtse coalitie. Een groot deel van de stemmen is ‘verzorgd’ door de maffia die er natuurlijk voordeeltjes tegenover wil zien. Zoals lucratieve bouwopdrachten. In de bouwwereld zitten veel verdachte bedrijven. De brug die premier Berlusconi wil bouwen tussen Sicilië en Calabrië is voor hen positief nieuws.
Top